begijntje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·gijn·tje

Zelfstandig naamwoord

begijntje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord begijn

Gangbaarheid

76 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.