beërfde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·erf·de

Werkwoord

vervoeging van
beërven

beërfde

  1. enkelvoud verleden tijd van beërven
    • Ik beërfde. 
    • Jij beërfde. 
    • Hij, zij, het beërfde. 
  2. verbogen vorm van beërfd, voltooid deelwoord van beërven