beërven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·er·ven
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van erven met het voorvoegsel be-
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beërven
beërfde
beërfd
zwak -d volledig

Werkwoord

beërven

  1. overgankelijk door erfenis verkrijgen
    • Het blijkt niet dat hij de heerlijkheden Oost- en Westhelvoet beërfde. 

Gangbaarheid

50 % van de Nederlanders;
35 % van de Vlamingen.