antibiotica

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • an·ti·bio·ti·ca

Zelfstandig naamwoord

antibiotica mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord antibioticum

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.