adultere

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • adul·te·re

Bijvoeglijk naamwoord

adultere

  1. verbogen vorm van de vergrotende trap van adult


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
adulterar

adultere

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van adulterar
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van adulterar
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van adulterar
vervoeging van
adulterarse

adultere

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van adulterarse
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van adulterarse
  3. gebiedende wijs (ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van adulterarse