Ablass

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • Ab-lass

Zelfstandig naamwoord

Ablass m

  1. aflaat


Luxemburgs

Uitspraak
Woordafbreking
  • Ab-lass

Zelfstandig naamwoord

Ablass m

  1. «De Poopst huet de Gleewege beim Ouschtersegen de vollkommenen Ablass ginn.»
    Ter gelegenheid van de Paaszegen gaf de paus aan de gelovigen van aflaten welkom.