tweedracht
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- twee·dracht
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | tweedracht | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
- verdeeldheid of twist binnen een gemeenschap
- De tweedracht die de laatste eeuw van het Byzantijnse Rijk kenmerkte droeg in belangrijke mate bij tot de uiteindelijk ondergang.