teleurstel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • te·leur·stel

Werkwoord

vervoeging van
teleurstellen

teleurstel

  1. (in een bijzin) eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van teleurstellen
    ... dat ik teleurstel.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen