smeris

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sme·ris
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord smeris smerissen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

smeris m

  1. politieagent
    Hou je stil, dadelijk krijgen we de smerissen op ons dak!
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen