poffertje
Uit WikiWoordenboek
Nederlands
Woordafbreking
- pof·fer·tje
Zelfstandig naamwoord
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | ||
| verkleinwoord | poffertje | poffertjes |
poffertje o dim. tant.
- een in een speciale pan met ondiepe putjes van een vloeibaar beslag gebakken lekkernij.