plavuis

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pla·vuis
enkelvoud meervoud
naamwoord plavuis plavuizen
verkleinwoord plavuisje plavuisjes

Zelfstandig naamwoord

plavuis m

  1. een tegel van steen, kunststof etc. om een vloer mee te bedekken
    Hij liet de plavuizen van schrik uit zijn hand vallen.
Synoniemen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen