piéton

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  piéton     le piéton     piétons     les piétons  

Zelfstandig naamwoord

piéton m

  1. voetganger
    «Les automobilistes deviennent piétons quand leur voiture tombe en panne.»
    De automobilisten worden voetgangers wanneer hun wagen in panne valt.