pacifist
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- pa·ci·fist
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | pacifist | pacifisten |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
pacifist m
- aanhanger van het pacifisme; iemand die streeft naar algehele vrede.
- De pacifist weigerde zijn militaire dienst te vervullen.