ontluiken
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordafbreking
- ont·lui·ken
Werkwoord
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| ontluiken |
ontlook |
ontloken |
| klasse 2 | volledig | |
(niet scheidbaar)
ontluiken
- het opengaan van knoppen.
- De kersenbloesem ontlook en veranderde de eenvoudige laan in een opzienbarend schouwtoneel.