omnivoor

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • om·ni·voor
enkelvoud meervoud
naamwoord omnivoor omnivoren
verkleinwoord omnivoortje omnivoortjes

Zelfstandig naamwoord

omnivoor m

  1. (dierkunde) alleseter, zowel plantaardig als dierlijk voedsel.
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Andere talen