offeren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- of·fe·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| offeren |
offerde |
geofferd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
offeren
- wijden aan, als offer aanbieden
- Bij zijn dagelijkse bezoek aan de tempel offert de boeddhist wierook en voedsel.
- doden (van een dier)
- betalen (volkstaal)
- belasting betalen (volkstaal)
Vertalingen
1. wijden aan
3. betalen