når

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Deens

Uitspraak
  • IPA: [ˈnɒˀ]

Bijwoord

når

  1. wanneer

Voegwoord

når

  1. wanneer

Werkwoord

når

  1. tegenwoordige tijd van


Noors

Uitspraak
Naar frequentie 74

Bijwoord

når

  1. wanneer
    «Når kommer du?»
    Wanneer kom je?

Voegwoord

når

  1. wanneer
    «Han snorker når han sover.»
    Hij snurkt als hij slaapt.

Werkwoord

når

  1. tegenwoordige tijd van


Nynorsk

Uitspraak

Bijwoord

når

  1. wanneer
    «Når kommer du?»
    Wanneer kom je?

Voegwoord

når

  1. wanneer
    «Han snorker når han sover.»
    Hij snurkt als hij slaapt.

Werkwoord

når

  1. tegenwoordige tijd van
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen