meir
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nynorsk
Uitspraak
Woordafbreking
- me·ir
Woordherkomst en -opbouw
- Bijvoegelijk naamwoord: Afkomstig van het Oudnoorse woord meiri.
- Bijwoord: Afkomstig van de Oudnoorse woorden meir en meirr.
| stellend | vergrotend | overtreffend | ||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald (sterk) |
m/v enkelvoud | mykje | meir | mest |
| o enkelvoud | mykje | |||
| meervoud | mykje | |||
| bepaald (zwak) |
enkelvoud en meervoud |
mykje | meir | mest |
Bijvoeglijk naamwoord
- meer
- «Eg fekk 100 kroner, korkje meir eller mindre.»
- Ik bekwam 100 dollar, niet meer of minder.
- «Eg fekk 100 kroner, korkje meir eller mindre.»
Synoniemen
Opmerkingen
- In het Nynorsk wordt meir meestal gebruikt om de vergrotende trap te vormen.
Bijvoeglijk naamwoord
- onbepaalde en bepaalde vorm van de vergrotende trap van mye
Bijvoeglijk naamwoord
- onbepaalde en bepaalde vorm van de vergrotende trap van mykje
| stellend | vergrotend | overtreffend |
|---|---|---|
| mye | meir | mest |
Bijwoord
- meer
- «Han blir meir og meir elendig.»
- Hij wordt meer en meer ellendig.
- «Han blir meir og meir elendig.»
Uitdrukkingen en gezegden
- meir eller mindre
meer of minder
min of meer
min of meer
- meir og meir
meer en meer
- mer enn
meer dan
Bijwoord
meir
- vergrotende trap van mye
Bijwoord
meir
- vergrotende trap van mykje