meander
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Woordherkomst en -opbouw
- naar de rivier van die naam (thans Menderes) in Klein-Azië
Woordafbreking
- me·an·der
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | meander | meanders |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
meander m
- naar de tegengestelde richting terugkerende bocht in een rivier.
- (in het meervoud) randversiering bestaande uit rechthoekige gebroken lijnen
Afgeleide begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.