makaak
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ma·kaak
Niet in de woordenlijst van de Taalunie
Woordherkomst en -opbouw
- Van het Portugese macaco dat afkomstig is van het Bantu makaku (enige apen), van ma- (numerisch voorvoegsel) en kaku (aap).
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | makaak | makaken |
| verkleinwoord | makaakje | makaakjes |
Zelfstandig naamwoord
makaak m
- een aap behorende tot een geslacht (Macaca) van apen van de Oude Wereld die leven in Azië van India en Tibet oostwaarts tot Japan, Java, de Filipijnen en Celebes en één soort in Noordwest-Afrika (de berberaap, Macaca sylvanus)
- We hebben makaken gezien in de dierentuin.
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.