incognito
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
- Uit het Latijn incognitus, niet gekend (in- niet + cognitus gekend)
Woordafbreking
- in·cog·ni·to
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | incognito | - |
| verkleinwoord |
Zelfstandig naamwoord
incognito o
- het verborgen houden van de identiteit
Bijvoeglijk naamwoord
incognito
- ongekend
- zonder herkend te kunnen worden
- onder schuilnaam