huldigen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- hul·di·gen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| huldigen |
huldigde |
gehuldigd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
huldigen
- (overgankelijk) iemand hulde of eer bewijzen
- Het Nederlands Elftal werd uitgebreid gehuldigd op de Grote Markt te Haarlem.