heuvel

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • heu·vel
enkelvoud meervoud
naamwoord heuvel heuvels, heuvelen
verkleinwoord heuveltje heuveltjes

Zelfstandig naamwoord

heuvel m

  1. een kleine verhoging in het landschap.
    Rome is oorspronkelijk gebouwd op zeven heuvels: Palatijn, Aventijn, Capitool, Quirinaal, Viminaal, Esquilijn en Coelius.
Vertalingen
Afgeleide begrippen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen