haten

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ha·ten
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
haten
/'ɦatə(n)/
haatte
/'ɦatə/
gehaat
/ɣə'ɦat
volledig

Werkwoord

haten

  1. kwade gevoelens jegens iemand koesteren.
Gelijkklinkende woorden
Vertalingen
Persoonlijke instellingen