gekrakeel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·kra·keel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord gekrakeel
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

gekrakeel o

  1. lawaai ontstaan door onenigheid
    De voorzitter wist een eind te maken aan het gekrakeel.
Vertalingen