gehoornd

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·hoornd
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen gehoornd
verbogen gehoornde

Bijvoeglijk naamwoord

gehoornd

  1. voorzien van horens, horens dragend
    Het is een mythe dat Vikingen getooid met gehoornde helmen ten strijde trokken.
Synoniemen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen