facultatief
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- fa·cul·ta·tief
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | facultatief |
| verbogen | facultatieve |
Bijvoeglijk naamwoord
facultatief
- onverplicht of vrijwillig
- Hij doet al jaren facultatief werk bij het dierenasiel.
Vertalingen
1. onverplicht of vrijwillig