enige

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • eni·ge

Bijvoeglijk naamwoord

enige

  1. verbogen vorm van enig.
    Wat een enige bloemen zijn dat.
  2. een vrij klein aantal.
    Enige bewoners van ons flatgebouw hebben daar bezwaar tegen gemaakt.
Vertalingen
enkelvoud meervoud
naamwoord enige enigen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

enige

  1. degene die uniek is in een bepaald opzicht.
    Jullie zijn de enigen die daarin geslaagd zijn.
Persoonlijke instellingen
Andere talen