eie

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Afrikaans

stellend vergrotend overtreffend
eie - -

Bijvoeglijk naamwoord

eie

  1. eigen
    «Tasmaniese duiwels jag hulle eie prooi, maar is ook aasdiere.»
    Tasmaanse duivels jagen zelf op hun eigen prooi, maar zij zijn ook aaseters.