deren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- de·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| deren |
deerde |
gedeerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
deren
- (onovergankelijk) schade doen
- Niets scheen hem te kunnen deren.
Synoniemen
- [1]: schaden