bewilder

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

vervoeging
onbepaalde wijs to bewilder
he/she/it bewilders
verleden tijd bewildered
voltooid
deelwoord
bewildered
onvoltooid
deelwoord
bewildering
gebiedende wijs bewilder

Werkwoord

bewilder

  1. (overgankelijk) verbijsteren, verwarren
    «The measurements relayed by the probe only served to bewilder the scientists.»
    De metingen door de sonde doorgeseind deden niets meer dan de wetenschappers te verbijsteren.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen