beginneling
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: beginneling (hulp, bestand)
Woordafbreking
- be·gin·ne·ling
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van beginnen met het achtervoegsel -ling.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | beginneling | beginnelingen |
| verkleinwoord | beginnelingetje | beginnelingetjes |
Zelfstandig naamwoord
beginneling m
- een beginner, een nieuweling bij iets
- Hij is nog een beginneling.
Vertalingen
1. een beginner, een nieuweling bij iets