beboet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·boet

Werkwoord

vervoeging van
beboeten

beboet

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van beboeten
  2. gebiedende wijs van beboeten
  3. voltooid deelwoord van beboeten