apsis

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ap·sis
enkelvoud meervoud
naamwoord apsis apsissen
verkleinwoord apsisje apsisjes

Zelfstandig naamwoord

apsis v

  1. een uitbouw die het koor van een kerk afsluit
    Ik kon het woord "apsis" echt niet terugvinden in het woordenboek, mevrouw.

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen