adept

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Woordafbreking
  • adept
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Latijnse adeptus.
enkelvoud meervoud
naamwoord adept adepten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

adept

  1. ingewijde in de geheimen van een kunst of wetenschap van een sekte; in het bijzonder beoefenenaar der alchemie


Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Franse adepte.
stellend vergrotend overtreffend
adept more adept most adept

Bijvoeglijk naamwoord

adept

  1. bedreven
  2. deskundig
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen