achtervolgt
Uit WikiWoordenboek
Nederlands
Woordafbreking
- ach·ter·volgt
Werkwoord
| vervoeging van |
|---|
| achtervolgen |
achtervolgt
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van achtervolgen
- Jij achtervolgt.
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van achtervolgen
- Hij achtervolgt.
- verouderde gebiedende wijs meervoud van achtervolgen
- Achtervolgt!