abbestellst

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Duits

Uitspraak
  • IPA: /ˈapbəʃtɛlst/
Woordafbreking
  • ab·be·stellst

Werkwoord

abbestellst

  1. (bijzin) tweede persoon enkelvoud aantonende wijs tegenwoordige tijd van abbestellen