aanbakten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Woordafbreking
  • aan·bak·ten

Werkwoord

vervoeging van
aanbakken

aanbakten

  1. (in een bijzin) meervoud verleden tijd van aanbakken
    ...dat wij aanbakten.
    ...dat jullie aanbakten.
    ...dat zij aanbakten.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen