ziekenfondsbrilletje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zie·ken·fonds·bril·le·tje

Zelfstandig naamwoord

ziekenfondsbrilletje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord ziekenfondsbril