vive
Uiterlijk
| enkelvoud | meervoud | ||
|---|---|---|---|
| zonder lidwoord | met lidwoord | zonder lidwoord | met lidwoord |
| vive | la vive | vives | les vives |
vive v
vive
- vrouwelijk enkelvoud van vif
| vervoeging van |
|---|
| vivre |
vive
- eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van vivre
| vervoeging van |
|---|
| vivar |
vive
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van vivar
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van vivar
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van vivar
| vervoeging van |
|---|
| vivir |
vive
Categorieën:
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 4
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Frans
- Straalvinnigen in het Frans
- Vissen in het Frans
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Frans
- Werkwoordsvorm in het Frans
- Woorden in het Spaans
- Woorden in het Spaans van lengte 4
- Werkwoordsvorm in het Spaans