Naar inhoud springen

vingers

Uit WikiWoordenboek
  • vin·gers

devingersmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vinger
     'Ik zweer het ' Olive kruiste haar vingers en legde ze op Teresa's hart.[1]
     Het was hoogzomer en ik liep tot mijn oksels door het hoge gras, strekte mijn armen uit en liet mijn vingers over de grassprieten glijden.[2]
100 %van de Nederlanders;
100 %van de Vlamingen.[3]
  1. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  2. Tim Voors
    “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
  • IPA: /ˈfəŋərs/

vingers mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vinger