vijfhonderdzesentwintigs

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vijf·hon·derd·zes·en·twin·tigs

Zelfstandig naamwoord

vijfhonderdzesentwintigs mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vijfhonderdzesentwintig

Gangbaarheid