vierhonderdzeventigs

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vier·hon·derd·ze·ven·tigs

Zelfstandig naamwoord

vierhonderdzeventigs mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord vierhonderdzeventig

Gangbaarheid