verdierf
Uiterlijk
- ver·dierf
| vervoeging van |
|---|
| verderven |
verdierf
- enkelvoud verleden tijd van verderven
- Ik verdierf.
- Jij verdierf.
- Hij, zij, het verdierf.
- Ik verdierf.
- Het woord verdierf staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "verdierf" herkend door:
| 35 % | van de Nederlanders; |
| 43 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be