tuimelschakelaartje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tui·mel·scha·ke·laar·tje

Zelfstandig naamwoord

tuimelschakelaartje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord tuimelschakelaar