Naar inhoud springen

trempe

Uit WikiWoordenboek
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  trempe     la trempe     trempes     les trempes  

trempe v

  1. (spreektaal) pak slaag
    «Son père lui a flanqué / fiché / foutu / mis une trempe
    Zijn vader heeft hem een pak rammel gegeven.
    «A la manif, les fachos ont foutu une trempe aux cocos.»
    Tijdens de demonstratie gaven de fascisten de communisten een flink pak slaag. [1]
vervoeging van
tremper

trempe

  1. eerste en derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van tremper
  2. eerste en derde persoon enkelvoud tegenwoordige aanvoegende wijs (subjonctif présent) van tremper
  3. tweede persoon enkelvoud gebiedende wijs (impératif présent) van tremper