smaakje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • smaak·je

Zelfstandig naamwoord

smaakje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord smaak

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.