slagroomsoesje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • slag·room·soes·je

Zelfstandig naamwoord

slagroomsoesje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord slagroomsoes