slagersvrouwtje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sla·gers·vrouw·tje

Zelfstandig naamwoord

slagersvrouwtje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord slagersvrouw