robustezca
Uiterlijk
| vervoeging van |
|---|
| robustecer |
robustezca
- aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van robustecer
- aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van robustecer
- gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van robustecer